Homepage

Voorland Groningen: Symbool voor een mondiale problematiek

2 februari 2022

Een gasbeving, dat was de aanleiding voor Voorland Groningen, een multimediaal journalistiek onderzoeksproject van fotograaf Dirk-Jan Visser en onderzoeker Christian Ernsten. Op een dag schokte de aarde onder hun, middenin het agrarisch-industriële Groningse landschap gelegen, Atelier aan de Middendijk. Zo’n lokale beving, realiseerden beiden zich, verwijst naar een veel grotere thematiek; het landschap in het antropoceen.

De term ‘antropoceen’ werd in 2000 geïntroduceerd door atmosferisch chemicus Paul Crutzen en duidt het geologisch tijdperk aan waarin we sinds pakweg de eerste industriële revolutie leven. (Zowel over de benaming als over de aanvang van het tijdperk wordt overigens gediscussieerd.) De mens (Grieks: antropos) is in dit tijdperk een geologische kracht geworden. Door zijn toedoen warmt de aarde op, neemt biodiversiteit af, en stijgt de zeespiegel. En waar filosoof René ten Bos ooit stelde dat we in dit tijdperk niet veel meer of beter kunnen dan dwalen, stellen Ernsten en Visser voor te gaan wandelen langs vier door hen uitgestippelde routes. Radiomaker Martin Minkema gidst de wandelaar daarbij (in audio) door het Groningse landschap, ons ‘voorland’. Want wat in Groningen gebeurt – de verzilting van de bodem, het verlies aan biodiversiteit, het schokken van het land, de komst van gigantische datacentra en de digitalisering van onze voedselproductie – staat in feite symbool voor een mondiale problematiek.

Gaswinlocatie langs de Middendijk boven Warffum. Foto Dirk-Jan Visser

totaalproject
‘We zijn er vrij naïef ingestapt’, vertelt Ernsten. ‘Eigenlijk wilden we alleen een app met audiowandelingen maken, maar van het één kwam het ander.’ In samenwerking met nai010 kwam er namelijk ook een boek met daarin verhalen van Martin Minkema, thematische essays van Ernsten, een beeldessay van Visser, en illustraties van Senne Trip. Minkema maakte bovendien voor de VPRO een vierdelige radiodocumentaire. Ernsten: ‘Het is een totaalproject geworden over het landschap toen en nu, maar ook over de veranderingen die ons te wachten staan.’

draagvlak

Toen ze het drieluik (boek, wandelapp en documentaire) lanceerden, was de pandemie net begonnen. ‘Iedereen was aan het wandelen en eigen land aan het herontdekken. Misschien kregen we mede daarom zoveel media-aandacht’, zegt Ernsten. De eerste druk van het boek was binnen twee maanden uitverkocht. Voorland Groningen bereikte een breed publiek, van omwonenden tot beleidsmakers tot ingezetenen van de Randstad met een radio of krant. Ernsten: ‘Ik was verbaasd over hoe breed het werd opgepakt. Ik dacht toch dat het een beetje een niche-onderwerp was.’ De reacties waren van alle kanten overwegend positief. En dat terwijl er toch veel gevoeligheden verbonden zijn aan het Gronings landschap. ‘De boer met een intensief vleeskuikenbedrijf, is gemakkelijk in een hoekje te drukken’, zegt Visser. ’Maar vanuit zijn perspectief heeft hij niet zoveel keuze. Ook hij geeft invulling aan bepaalde ideeën over het landschap. Het is ons aardig gelukt om al die lokale verhalen zonder oordeel uit te lichten.’ Visser, die het gros van de gesprekken met lokalen voerde, hecht veel waarde aan stakeholder management. ‘We onderhouden actief het contact met iedereen die op de één of andere manier betrokken was bij dit project. We hebben al die mensen, hoe kort we ze ook spraken, bovendien bedankt in ons boek. Dat zorgt voor draagvlak.’

collectief ongemak
Wegens de pandemie was de mogelijkheid tot publieksevenementen beperkt, maar wat er plaatsvond was waardevol: Tijdens een publieksdebat georganiseerd door Platform Gras, architectuurcentrum voor en van Groningen’, raakten Visser en Ernsten in gesprek met beleidsmakers, landschapsarchitecten – niemand minder dan de Rijksbouwmeester zat in het publiek – en milieuactivisten. ‘Uit die discussie kwam een soort collectief ongemak naar voren ten aanzien van wat er om ons heen gebeurt’, zegt Ernsten. ‘Hebben we daar nog wel vat op? Kunnen we zo door blijven leven in het Nederlandse landschap?’ In samenwerking met het Gronings theatergezelschap PEERD ontstond er parallel aan hun voorstelling over de Eemshaven op locatie een expositie met werk van Visser over diezelfde plek. ‘Je redt het bij dit soort projecten niet alleen’, zegt Visser. ‘Je moet je steeds verbinden aan een partner en zo elkaars netwerk versterken.’ En er moet geld zijn. Voor Voorland werkten Visser en Ernsten – beiden tevens werkzaam in het hoger onderwijs – met een lappendeken aan subsidies. ‘Dit is allemaal in de avonduren geproduceerd’, vertelt Ernsten. ‘Het is onmogelijk om hiervan te leven.’

bestendigen

‘Het ingewikkelde aan projecten als deze is het bestendigen ervan’, vult Visser aan. ‘Je maakt iets, je lanceert het, je genereert media-aandacht en dan? Het kost ontzettend veel tijd en energie om te blijven duwen.’ De twee reserveerden middelen zodat zowel site als app vijf jaar in de lucht kunnen blijven. Wat er daarna met Voorland Groningen gebeurt, is onzeker. Visser: ‘Er zou een lopend gesprek moeten bestaan tussen makers onderling en makers en fondsen over het bestendigen van hun projecten.’

Dit project werd onder de titel Nieuw Gronings Peil in 2018 ondersteund vanuit de Regeling Architectuur.

Tekst: Merel Kamp