Moderne theedoeken op historische weefgetouwen

Textielontwerper Mariëtte Wolbert zit dertig jaar in het vak. Om dit te vieren benaderde ze het Weverijmuseum. Dit museum in een voormalige textielfabriek in het Brabantse Geldrop is in het bezit van industriële weef- en spinnerijmachines die werden gebruikt in de lokale textielindustrie. In het project dat Wolbert met het museum opzette, staan ambacht, onderzoek en kennisuitwisseling centraal. We namen een kijkje achter de schermen.

Mariëtte Wolbert

Video: Robbie van Zoggel

Met het Weverijmuseum ontwikkelde Mariëtte Wolbert, die gespecialiseerd is in keukentextiel, uit eigen werk een tentoonstelling en een educatief project voor basisschoolleerlingen. Ook onderzocht ze met subsidie uit de Regeling Vormgeving of het mogelijk is om op de historische machines van het museum een theedoek te maken die voldoet aan de huidige maatstaven. Het onderzoek voerde ze uit in samenwerking met vrijwilligers en wevers van het museum.

Weefmachine in het Weverijmuseum.

onderzoek

In Wolberts onderzoek speelt geschiedenis een belangrijke rol. Ze inventariseerde de weeftechnische kenmerken van producten die in Geldrop en omgeving werden gemaakt en onderzocht of het mogelijk is om in plaats van met het oorspronkelijk gebruikte katoen te weven met minder soepel en daardoor moeilijker te verwerken halflinnen. Doel was ook het Weverijmuseum te helpen de historische functie te verbreden naar een meer toekomstbestendige strategie. Dit laatste is voor het museum van belang met het oog op het voortbestaan en bewaren van kennis. Als je niets meer ontwikkelt op de machines, staat overdracht van kennis stil en zullen de machines op den duur verdwijnen.

Met zo’n educatief project geef je een gezicht aan een anoniem product.
Wolbert aan het werk in het Weverijmuseum.

kennisuitwisseling

Werken op de oude industriële weefmachines vraagt om vakmanschap. Het Weverijmuseum heeft dat in huis via de vrijwilligers, vaak voormalig textielarbeiders uit de regio. Het is zwaar om met de machines te werken en de instelling van het getouw komt nauw. Elke verandering geeft andere krachten en spanningen op het draad, wat van invloed is op het eindresultaat. Ondanks dertig jaar ervaring, deed Wolbert veel technische kennis op bij de vrijwilligers. Andersom was het voor hen inspirerend om actief te worden betrokken bij de totstandkoming van een hedendaags product. Ook museum Bussemakershuis, over de Twentse textielindustrie met grote kennis van linnen, hielp Wolbert in de ontwikkeling van haar product. Via een onder basisschoolleerlingen uitgeschreven ontwerpwedstrijd werd ook de jongste generatie onder begeleiding van kunstvakdocenten betrokken bij en geïnteresseerd voor het ambacht van textielontwerp.

boodschap

Het onderzoek resulteerde in een halflinnen theedoek voor glaswerk. Met het patroon van rode en blauwe strepen geeft Wolbert een geëngageerde boodschap af. Juist een alledaags product als een theedoek is daarvoor geschikt vindt Wolbert. Het confronteert je namelijk vaak met de boodschap. De strepen op de doek verbeelden koraal en de daarin levende algen die kleur geven aan het rif. De afnemende kleurintentie van de strepen symboliseert de verbleking van het koraal als gevolg van klimaatverandering.

bereik

Onder het toeziend oog van het publiek zijn tijdens de looptijd van de tentoonstelling in het Weverijmuseum honderd halflinnen theedoeken geweven. De doeken zijn opgenomen in een jubileumset genaamd Koraal die Wolbert in eigen beheer verkoopt. De tentoonstelling heeft in zes weken tijd 3700 mensen getrokken, een record voor het museum. Ook het bereik van het educatieve project was groot. Het museum en het vakgebied hebben hopelijk een nieuwe groep ambassadeurs aangeboord. Ruim 250 basisschoolleerlingen ontwierpen een theedoek. Het winnende ontwerp is door het Weverijmuseum in productie genomen. Tijdens de Dutch Design Week 2023 presenteert Mariëtte Wolbert haar project en een afgeleide van de tentoonstelling bij Atelier Houtwerff op Sectie-C in Eindhoven.