26 november 2026
algemene indruk
De oproep is uitgezet om praktijken te stimuleren die bijdragen aan een langzamere, zorgvuldige en meer bewuste omgang met digitale middelen, zoals regeneratieve werkwijzen, degrowth-principes, low-tech oplossingen en hergebruik van hardware. De belangstelling voor de oproep was groot en de commissie was erg onder de indruk van de kwaliteit van de aanvragen.
Projecten die gewaardeerd werden zijn artistiek sterk, maken een duidelijke vertaalslag naar handelingsperspectief en verankeren zich in relevante gemeenschappen. Veel van deze projecten zijn ingediend door makers en collectieven met aantoonbare expertise, die al langere tijd met deze thematiek werken. Zoals verwacht richten veel projecten zich op het ontwikkelen van workshops, toolkits en manuals om praktische kennis te delen. In het bijzonder waardeerde de commissie de sociale en community-based aanpakken en een sterke reflectie op duurzaamheid, inclusief het benoemen van eigen beperkingen of tegenstrijdigheden. Daarnaast werd er binnen meerdere voorstellen expliciet aandacht besteed aan het dekoloniaal perspectief. Ook scoorden projecten met een affectieve benadering goed, waarbij de ecologische gevolgen van digitale systemen voelbaar en voorstelbaar worden gemaakt.
Tegelijk constateerde de commissie dat sommige voorstellen zich beperken tot bewustwording, zonder duidelijk te maken hoe ze daadwerkelijk gedragsverandering teweegbrengen. Ook merkte de commissie op dat de werkwijze van enkele projecten in strijd leek met de oproep – bijvoorbeeld door niet te reflecteren op materiaalverbruik of vliegreizen.
De voorstellen zijn beoordeeld door een externe selectiecommissie bestaande uit Chris Julien, Klaas Kuitenbrouwer en Leanne Wijnsma.
selectie
Enkele opvallende projecten zijn: